Dinsdag
3 Augustus
Anchorage
– Denali National Park
Vanaf vroeg in de morgen is het weer meer dommelen
en omdraaien dan slapen. Het stomme is dat in een gebied waar in de zomer de
nachten zo kort duren, je geen steun hebt aan licht en donker voor het
verwerken van je jetlag. Donker begint vanaf half 12 s’ avonds en is over om
vier uur ‘s ochtends. Probeer je lichaam maar eens om 5 uur ‘s ochtends lokale
tijd (= 3 uur ‘s middags nederlandse tijd) te overtuigen dat het nog midden in
de nacht is! Maar goed, de geslapen uren waren wel intensief en dus zijn we redelijk
fit in staat om naar de douche te kruipen. Ook het gisteren aangeschafte
ontbijt bevalt beter dan kaas-met-crackers en dus beginnen we vol goede moed
aan de eerste dag op trektocht door Alaska!
Het
inpakken van de bagae gaat vrij vlot. We hoeven maar drie keer heen en weer te
lopen voordat we alles bij de auto hebben. Terwijl Jasper de receptie
bezighoudt met een discussie over het nut van 10 dollar extra rekenen voor een
roll-a-way bed terwijl de derde persoon toch al moet betalen (verloren) puzzelen
Patrick en Dennis de achterbak vol. Alles past. Nu op naar ‘the interior of
Alaska’, waar volgens de boeken de echte natuur pas begint, waar wilde dieren
nog regelmartig gespot worden, ‘the last frontier’. Ja vast……
Om ons
back-to-nature gevoel wat te versterken pogen we bij de 24-uurs super nog wat
vers brood te halen. Helaas, de gigantische vers afdeling heeft nog 1 vers
brood op voorraad, een San Fransisco zuur brood. San Fransisco ligt in
California, we zijn nu in Alaska, geen zuur brood voor ons dus. De volgende
supermarkt is beter en daar halen we twee typisch alaskaanse baquettes met nog
alaskaansere Brie. De dame achter de kassa is volop onder de indruk van onze
rekenkunsten als we proberen wat kleingeld kwijt te raken door een bedrag van
9.72 met 10.22 dollar te betalen. Dan krijgen we precies 50 cent terug, is de
redenering. We lijken wel wiskunde professoren, vindt men. Nee hoor, we hebben
een europese opleiding gehad. Na dit laatste teken der amerikaanse beschaving
is het echt tijd voor de wildernis.
Ons eerste
contact met de wildernis is een echte wolf (of misschien ook wel een wilde
hond, maar dat klinkt minder spannend!) die de rijvaardigheid van Patrick
uitprobeert. Gaat goed, de auto rijdt plezierig en Patrick houdt alles
onbeschadigd op de weg, inclusief supposed-to-be wolf. We lunchen om ongeveer 1
uur en komen er achter dat er naast leuke wilde dieren zoals beer, wolf, schaap
en eland ook andere wilde dieren bestaan waar Alaska bekend om is, namelijk
muggen. Vergezeld van deze vrienden genieten we van onze baquettes met Brie en
ander zaken. Het is ondertussen heerlijk weer, de bewolking van gisteren is
bijna helemaal weg.
Om ongeveer half drie, ondertussen vlakbij onze bestemming van de komende
dagen, Denali National Park, zien we plotseling in de bush bush een bordje
‘Denali Cabins’. Ja, dat zijn de door ons gereserveerde hutten en dus keren we
en rijden we het erf van deze uitbaters op. Alles blijkt prima van te voren
gereserveerd te zijn en nadat we de kosten voor alle drie de nachten voldaan
hebben en zelf nog een extra matras voor de derde persoon (op de grond)
krijgen, lopen we een woud van houten cabins in. Na wat zoeken vinden we nummer
18, een volgens het foldertje ‘cozy’ cabin van alle gemakken voorzien. De wat
eenvoudig ingerichte hut is thematisch sterk ingericht. Alles is van cederhout.
Wanden, dak, tafel, stoelen, badkamerwand en zelf douchecabine voldoen aan deze
stijl. Zeker een aanbieding bij de Gamma. Behalve twee lampen en stromend water
dat uit tegengesteld draaiende kranen komt zijn ‘alle gemakken’ ver te zoeken.
De enige extra die de cabin nog biedt is het intensieve geluid van af en toe opstijgende
toeristen vliegtuigjes (‘Flightseeing’) met bestemming Denali. Ben benieuwd wat
de geluidshinder commissie van Schiphol hierover zou zeggen.
Omdat het
nog niet laat is gaan we alvast naar het Denali park voor een eerste
verkenning. Ongeveer een kwartiertje rijden brengt ons bijna in aanvaring met
het tweede stuk groot wild, een echte grizly beer. Hadden de boeken toch
gelijk. De blonde geweldeling komt een helling afstuiven, kijkt keurig naar
links bij het oversteken, vergeet rechts (niet opgelet bij de verkeerslessen)
en duikt bijna onder de auto. Met zoveel massa is hij (of zij?) gelukkig wat
trager dan ons en dus gaat het net goed. Maar een ‘live’ beer, toch echter dan
de dierentuin.
Het visitor
centre van Denali blijkt populair. Met veel moeite kunnen we de auto kwijt bij
de ingang. Van binnen is er niet zoveel te doen, een reservations-desk voor
campings en bussen, een backcountry-desk voor de hikers, een winkel voor de
echte ‘bought a T-shirt’ toeristen en de bekende slide show. We informeren nog
even of de reeds gereserveerde wat vroege bustocht (06:30!) misschien nog
verzet kan worden naar een later tijdstip, volgens het bord is er plaats. Alles
is mogelijk in Ameika, ook in Alaska, mits je maar betaald. We doen dat nog
maar even niet. De Slide show heeft wat vertraging door een stroomstoring, maar
na zeventien minuten vraag en antwoord spelletjes met een Ranger begint het dan
toch. Een kwartier met weinig informatie maar mooie plaatjes. Informatie over
de wandelmogelijkheden leert ons dat alleen in het gebied rond de ingang wat
trails zijn, verder is het HIY, Hike It Yourself. Geen paden, kompas aan te
raden.
In de lokale kampwinkel willen we nog wat carckers en water kopen voor
onze plannen van morgen. Vanwege de hoge prijzen, 2 dollar voor een fles water
of een pak crackers, besluiten we ons geluk elders te beproeven. De benzinepomp
net buiten het park, we moeten toch tanken, blijkt gelukkig ook wat te hebben.
En inderdaad, geen twee dollar, nee hoor, nog twee kwartjes duurder… Hoeze
tourist trap. Wekopen het toch maar en onze wijsneuzigheid kost ons dus 4 keer
twee kwartjes!
Om een uur
of vijf zijn we terug in de cabin. We lezen nog wat, schrijven nog wat en
hangen nog wat. Om een uur of 7 gaan we naar het lokale restaurant met de
uiterst regionale naam ‘The Loose Moose’, om een hapje diner te ritselen. We
worden hartelijk ontvangen, krijgen een korte toelichting op de diner-kaart
(ongeveer 10 van de 15 gerechten zijn vandaag helaas niet beschikbaar) en
kunnen voor het drinken kiezen uit Cola, Sprite en Dr. Pepper. Ondanks deze
culinaire beperkingen redden we ons prima met burgers en fish&chips en de
bediening is misschien niet professioneel, maar wel vlot en behulpzaam. De fooi
van Dennis is dan ook met een factoor 10 gegroeid.
Na een ruim
uurtje weer terug naar de cabin, waar we toch weer snel onze jetlag voelen.
Vanaf een uur of 10 vallen we langzaam in slaap in onze uiterst charmante
blokhut. Gelukkig willen toeristen ‘s avonds om 10 uur niet vliegen, het bleef
dus nog lang rustig die nacht.