Vrijdag
13 Augustus
Lake
Louise - Seward
Bij het
wakker worden isde eerste constatering dat de regen die ons gisteren dwars zat
eindelijk is opgehouden. (OK, het mottert nog een beetje, maar daar wordt je
niet nat van.) De wekker die voor half negen gepland was, gaat om half acht af
(communicatiefoutje tussen Jasper en wekker). We douchen, pakken in en
besluiten collectief na de goede keuken-ervaringen van gisteren om het ontbijt
ook in het restaurant te gebruiken. De bediening is deze keer door een wat
oudere, maar ook wat normalere dame, die meer van het runnen van een restaurant
lijkt af te weten. We kunnen dan ook snel bestellen en gaan alledrie voor
pancakes. Alweer een goede keuze want de creaturen zijn verukkelijk en zelfs de
overvloedig aanwezige boter hindert het eetplezier niet.
Om kwart
over negen rijden we weg, nadat we nog het een en ander aan foto hebben gemaakt
van de omgeving zonder overvloedige regen. We mogen eerst weer de 18 mijl
gravel weg, maar na een klein half uurtje komen we weer op de doorgaande weg
van Tok naar Anchorage uit. Deze ‘Higway 1’, en dus de belangrijkste weg van
Alaska, is erg mooi en ondanks de veelvuldig aanwezige wolken hebben we
schitterend uitzicht over gletsjers en berglandschappen. Na bijna twee uur
wordt het rijplezier echter verstoord door opnieuw wegwerkzaamheden. Men heeft
de belangrijkste weg over een afstand van 20 mijl opgebroken en omgetoerd in
een gaten- en modderfestival wat z’n weerrga niet kent. Na veel oponthoud
berieken we toch het einde en ondertussen is de auto bruin met een wit dak.
In Anchorage
aangekomen besluiten we op zoek te gaan naar een mall om koffiebehoeftes en
winkelbehoeftes te vervullen. De volgens de reisgids grooste mall van Alaska
moet deze behoeftes kunnen vervullen en dus rijden we daar naar toe. Maar alles
in Alaska is een beetje anders, zo ook het begrip ‘mall’. We komen terecht in
een vervallen gebouw met een hoop potentiele winkelruime en een paar
oninteressante winkels. Geen winkelplezier dus. Wel vinden we een lunchromm
waar ze koffie serveren. Na de serveerster met veel moeite overtuigd te hebben
dat je rond een uur of half een best alleen koffie en een stukje taart kan
nemen (we werden bijna weggestuurd omdat we geen lunch-maaltijd bestelden)
werden we toch voorzien van een lekkere kop café-latte en een stukje cheesecake.
Na afloop nog even vers ingekocht bij de Safeway supermarkt, zodat we later
onze lunch buiten in het ondertussen zonnige weer konden gebruiken.
Op weg naar
de doorgaande weg naar het zuiden nog verkeerd gereden en beland bij een
boekwinkel. Om Dennis te plezieren daar maar in gedoken en jawel, Dennis vindt
het boek waar die altijd al naar zocht. (Een technische lezing over de werking
van een bepaald soort vliegtuigmotoren.) Via een mooie weg langs een inham,
maar zonder picknick plaatsen bereiken we weer met moiete een tankstation. We
leren het ook nooit. Deze keer bijna 14 van de 16 gallon. Maar nog steeds geen
picknickplaats….
Tussen het vasteland en het schiereiland Kenai ligt ook nog de
Portage-gletsjer. Bij toeval komen we er achter dat dit de meest bezochte
teoristische attractie is van Alaska. Tenminste volgens de reisgidsen. Deze
gletsjer is zeer geliefd vanwege de mooie ligging hangend over een bergmeer.
Ook smelt de gletsjer zeer snel, waardoor er steeds meer van het meer zichtbaar
wordt. Het smelten gaat zo snel, dat de gletsjer zich nu achter een bergwand
teruggetrokken heeft en de Portage gletsjer dus helemaal niet te zien is! Wel leveren
het bergmeer en de diverse andere gletsjers mooie beelden op. (En ook de
vanwege een beer uitgerukte politiemacht is indrukwekkend aanwezig.)
Bezoekerscentrum bezocht, is redelijk, en wat fotootjes gemaakt.
Op de
terugweg naar de doorgaande route eindelijk een picknickplaats gevonden met
tafel en banken en zonder beren. Het enige probleem is de wind, maar die
weerhoudt ons er niet van lekker van het brood te genieten met een perfect
uitzicht. Dit alles levert alleen wel wat vieze kleren op, want de onderkant
van de tafel is wat vies…
Na deze
belevenissen trekken we verder het Kenai-peninsula op. De weg leidt ons door
een aantal mooie dalen en langs diverse meren naar Seward, een vissers- en
havenplaats op 120 mijl van Anchorage. Omdat Jasper vermoedt dat de door hem
geboekte lokatie wel erg goedkoop voor Alaskaanse begrippen en het dus niet zo
veel kan gaan we eerst downtown in om te zoeken naar Laternatieven. In Seward
aangekomen is het vreselijk druk. Overal staan moterhomes en trucks met boten
op trailers geparkeerd en bij de haven is het een grote chaos. Ook hebben alle
motels en pensions het bordje ‘No vacancy’ in volle glorie branden. Pech dus.
Naar later blijkt begint er net dit weekend de belangrijkste viswedstrijd van
Alaska in Seward. Wat een timing!
Dus op zoek
naar de geboekte lokatie, Kate’s Roadhouse. Dit pension-achtig onderkomen ligt
ongeveer 5 mijl van de stad af aan de doorgaande weg naar Anchorage. Als Dennis
en Jasper binnenstappen blijkt de gevreesde lineaire prijs-kwaliteitverhouding
te kloppen. Het pension is een heel klein huisje wat we binnekomen door een wat
vreemd ruikende keuken. Naast de keuken is een zeer chaotische ruimte waar een
deze keer wel erg dikke dame al hamburger etend met een hondje op haar
computerscherm kijkt. De indringende geur van hondenvoer dat al dagenlang in
een te warme ruimte staat lijkt haar niet te deren. Ze is vlotter van geest dan
van lichaam en ze heet ons dan ook meteen hartelijk welkom. Ze zoekt de
reservering op en al grappend over 30 mensen en 5 bedden schrijft ze zichzelf
rot aan bonnen weigert ze de computer functioneel te gebruiken. De vraag van
Dennis om een sleutel levert aardig wat problemen op. ‘Nee, wij sluiten hier
nooit af’. Na het aangeven van diverse potten, pannen en andere opbergdozen en
het vinden van diverse vermiste objecten komt ze een kwartier later ook onze
sleutel tegen. Als laatste grap gooit ze er nog even uit dat we niet moeten
schrikken van het hangbuikzwijn dat rondloopt. Die is nogal groot.
De kamer is deze keer pas echt in de nok van het huis en heeft een
gemiddelde hoogte van 1 meter 20. Er staat een tweepersoonsbed en twee
hangbanken die plat te leggen zijn en dan als bed fungeren. Er is precies 1
raam, een plexiglas plaatje dat niet open kan. In crisisberaad bijeen besluiten
we bij gebrek aan alternatieven hier in ieder geval maar een nacht te blijven
(het is voor 2 nachten gepland) en morgen na een nacht ervaring wel weer verder
te zien. Kort daarna verbeterd de situatie iets. We vinden nog een deur naar
een geheim bij-kamertje met twee zeer veerkrachtige bedden, een echt raam dat
open kan en een ventilator.
Vanwege de
indringende geuren in het huis gaan we er maar meteen van door naar Seward om
wat te eten te vinden en om te kijken wat we morgen kunnen doen. Het visitor
center is gesloten en de meeste boottochten beginnen bij 100 dollar per persoon
voor 3 uur varen. Tikkeltje teveel van het goede. We vinden een aardig restaurant,
de Breeze Inn, wat niet te duur en niet te druk is. Na het standaard
amerikaanse voer en een gewaagde keuze van Dennis, Chicken Florentine voltooien
we de maaltijd binnen amerikaanse normale sneltreintijden. Jammer, moeten we
nog wat anders verzinnen voor we teruggaan naar het stinkhol. We rijden nog
even langs de exit-glzier, on eerste bezoekpunt van morgen, om te controleren
of deze wel bestaat. Gelukkig, deze is niet weggesmolten en met een gerust hart
gaan we terug naar de zwijnenstal. En deze keer proberen we wel heel snel te
slapen…!